Nederlandse visverwerkende industrie blijft groeien
In dit artikel:
Nederland blijft een knooppunt in de Europese visketen: zo’n 80% van de opbrengst komt uit uitvoer. Tussen 2014 en 2023 nam de omzet van de sector toe tot circa €1,5 miljard; in 2024 bedroegen de invoerwaarden €2,6 miljard en de export bijna €5 miljard. Belangrijke verwerkings- en visserscentra zijn Urk, IJmuiden, Katwijk en Spakenburg, terwijl schaal- en schelpdieractiviteiten vooral rond Yerseke zijn geconcentreerd.
De vraag naar zalm stuurt de markt: in 2024 importeerde Nederland voor ongeveer €820 miljoen aan zalmproducten, vooral uit Noorwegen, en visfilets vormden een flinke stroom (invoer €1,4 mrd; uitvoer ruim €2,3 mrd). De OESO verwacht een lichte daling van de Europese visconsumptie, maar in Nederland blijven zalm, mosselen en tonijn populair—ook onder jongeren die het gezondheidsaspect waarderen, maar soms het gemak missen.
De sector kampt met grote personeelstekorten; veel verwerkingsstappen zijn handmatig waardoor automatisering lastig is, al bieden robotica en AI kansen. Daarnaast neemt de druk op duurzaamheid en ketentransparantie toe: certificaten als MSC en ASC en strengere eisen aan waterkwaliteit, emissies en antibioticagebruik worden belangrijker voor leveranciers aan supermarkten en horeca. (Bron: ABN AMRO)